Share knowledge and exchange experiences
to achieve and maintain excellent sustainable results.

Wetenschapper of competitiebeest?

De performantie van de organisatie verbeteren met behulp van indicatoren en KPI’s lukt niet als je er een wedstrijd van maakt.

CompetitiebeestDe performantie van de organisatie verbetert niet als we KPI’s zien als een teken van het succes van de winnaar (of mislukking van de verliezer). Wanneer de KPI meet of we winnen of verliezen, dan krijgt die een bedreigend karakter. Als we het werken met KPI’s zien als een wetenschappelijk experiment, dan vertrekken we vanuit nieuwsgierigheid en proberen te begrijpen wat er gebeurt. Daaruit leren we hoe we de performantie van de organisatie kunnen verbeteren.

Er zijn geen competitiebeesten nodig, die vechten om hun doelstellingen te halen of om de vinger te wijzen naar slechte presteerders (verliezers) die hun targets steeds weer missen. Die benadering leidt tot een win-verlies-logica, gebaseerd op rigide beoordelingen. Als we iets willen hebben aan de KPI’s, dan hebben we een manier van denken nodig die vertrekt vanuit nieuwsgierigheid en die ons vrij laat beslissen op basis van nieuwe inzichten.

Hoe zie je of competitie meespeelt in jouw KPI-gebruik?

Als jouw organisatie KPI’s gebruikt met een win-verlies-logica, zie je gedrag als dit:

  • Managers laten subtiel voelen dat ze “goed nieuws” willen horen
  • Wanneer de performantie niet voldoet, dan vinden we wel iemand om de schuld te geven
  • Het beoordelingsgesprek van de medewerker (en vaak de promotie) is gekoppeld aan de KPI’s
  • De resultaten worden niet gemeten omdat het gepaste meetinstrument niet bestaat
  • Er is maar 1 zaak belangrijk: het gemeten cijfer moet beter zijn dan de vooropgestelde norm

Als we KPI-prestaties zien als winnen of verliezen, dan houdt dat een bedreiging in.

Met de competitie-logica denken medewerkers dat de KPI’s dienen om hun promotie tegen te houden, hen in verlegenheid te brengen bij hun collega’s of hun budget af te pakken. Of ze hebben het gevoel dat de KPI’s een administratieve last zijn die hen belet hun echte werk te doen.

Die overtuiging geeft aanleiding tot spelletjes. KPI-gaming is de beste verdediging tegen deze bedreiging. Er wordt gespeeld met de meting zodat de goede prestatie de aandacht trekt. Er wordt gespeeld met de cijfers zodat alleen de goede performantie gemeten wordt. Er wordt gespeeld met het systeem zodat de norm gehaald wordt ten koste van wat echt telt.

De performantie zal niet verbeteren door deze spelletjes. Meer nog, de prestaties die er echt toe doen zullen dalen.

Een wetenschappelijke houding wil niet zeggen dat we het ons niet aantrekken. Het wil zeggen dat we geen oordeel vellen.

Met een wetenschappelijke insteek, vertrekkend vanuit nieuwsgierigheid om te zien of onze aanpak leidt tot de gewenste resultaten, leren we continu verbeteren. Het doel is niet om te komen tot een oordeel “rood, oranje of groen”.

  • De stijl van de wetenschapper leidt tot inzicht om onze aanpak bij te sturen. Je herkent hier de feedback-loop in het EFQM-model: Welke benaderingen (in de 5 actiedomeinen) leiden tot de gewenste resultaten (in de 4 resultaatsdomeinen)?
  • Deze stijl vermijdt werken op basis van “buikgevoel” en focust eerder op het vinden van de beste werkwijze gebaseerd op metingen.
  • Deze stijl vermijdt dat KPI’s gebruikt worden tegen medewerkers, en beklemtoont samenwerking om de performantie van de hele organisatie te verbeteren.

KPI’s gebruiken we in een leeromgeving, niet in een bedreigende omgeving.